Las in het juli nummer een artikel over de goudvink. Ooit een lieveling vogel voor mij om mee te kweken toen dat nog verboden was, jaren ’60-’70 vorige eeuw. Om zaken duidelijk te maken, we dankten dit aan de vogelwet 1936 door enkele dames, echtgenoten van toenmalige staatslieden, die de vrouwtjes tot dienst wilden zijn, omdat ook zij stemrecht hadden verworven. Helaas mochten ze niet boven het niveau van kwezelarij uit komen zodat hen niets overbleef als een niet ter zake doende wet voor hen, als ter bescherming van vogels. Deze werd later de vogelwet 1936 genoemd.
Hoe dat nog belangrijk moest worden kon je afleiden aan het feit dat er toen nog advertenties in het blad “DE Prins” stonden die aanboden elke dag vers gevangen lijsters. Waren ook de nodige recepten voor die ter aanbeveling gedaan , zij gaven op dat ze best enige tijd van de jeneverbessen hadden gesnoept, de lijsters en merels, dan waren ze vast gekruid volgens de kenners.

Dat we dus verstoken waren van de hobby vogels houden dankten we dus de vernoemde dames.
Dat ze toen al geen middel schuwden bewezen ze door te collaberen met de bezetter in de jaren ’40-’45 later de oorlogsjaren genoemd.
Door in het gevlei te komen van wat toen de moffen werden genoemd kregen ze de wet ’36 voor de Nederlanders tot de strengste van Europa te verheffen.
Na die vreselijke jaren die onnoemelijk leed teweeg brachten deed elke Europese regering wat ze geacht werd te doen, afschaffing van alle door de bezetter ingevoerde veranderingen.
Er werd toen geroepen en geschreven weg met Romaans recht en Teutoons geweld wij gehoorzamen het Romaanse recht.
Helaas voor ons kwamen oude bewindslieden weer op het pluche terecht en die moesten nog steeds naar de dames kwezelarij luisteren wilden ze niet op de bank gaan slapen.

Lang verhaal kort , wij moesten wachten tot Europa een was geworden met als wet de rechten van de mens, vastgelegd bij het Europese hof.
Moesten we ons maar beter in herinnering houden want op dit moment lijken de dieren meer rechten te kunnen afdwing dan de mensen.