PDA

Bekijk Volledige Versie : Gebreksziekten



Harrie van der Linden
15-08-2006, 20:40
Gebreksziekten zijn eigenlijk geen echte ziekten; ze ontstaan als de vogels een noodzakelijk voedingselement tekort komen of er te veel van krijgen en ze verdwijnen gewoonlijk zodra de oorzaak is opgeheven. De gevolgen van een verkeerde voeding ziet men het best en het snelst op momenten, dat aan de vogels hoge eisen gesteld worden, ruiperiode, eieren leggen, maar ook bij infectieziekten en 'stress'. In extreme gevallen, vooral bij nestjongen, kunnen er als gevolg van gebreksziekten misvormingen optreden met onherstelbare gevolgen.
Een groot aantal gebreksziekten is het gevolg van een gebrek aan een bepaalde vitamine of aan verschillende vitaminen. Iedere vitamine grijpt op een zeer specifieke wijze in het proces van de stofwisseling in. Gebrek of een tekort aan een bepaalde vitamine uit zich in een ziektebeeld dat karakteristiek is voor de ontbrekende vitamine. Men spreekt bij het totaal ontbreken van een vitamine van avitaminose en bij een tekort van hypovitaminose. Een teveel aan vitamine, wat zich vooral voor kan doen bij de vitaminen A en D, wordt hypervitaminose genoemd. Beschouwen we nu de ziektebeelden die het gevolg zijn van vitaminedeficiŽnties.

Vitamine A-deficiŽntie
Vitamine A is de meest belangrijke vitamine. Zij is onontbeerlijk voor het bestaan van het leven, de groei en de voortplanting. Avitaminose A uit zich in een algemene achteruitgang van de gezondheid, onbevruchte eieren, zwellingen aan poten en kop, ruwe bevedering en plotselinge sterfte.
Hypervitaminose A veroorzaakt leverproblemen, ontkleuren en los zitten van de veren.

Vitamine D3-deficiŽntie
Vitamine D3 speelt een belangrijke rol bij de beenvorming en is vooral onmisbaar bij de calcium- en fosforstofwisseling. Daarnaast speelt deze vitamine ook een rol in de bescherming tegen infecties en de vruchtbaarheid. Avitaminose D3 veroorzaakt veelal rachitis, gekenmerkt dooreen week beendergestel, zachte pijnlijke gewrichten en een in S-vorm vergroeid borstbeen. De aandoening komt alleen voor bij jonge opgroeiende dieren. Men kan de diagnose stellen door aftasting van het skelet. Met enige anatomische kennis is dit zeer wel mogelijk. In twijfelgevallen kunnen door de dierenarts foto's gemaakt worden. De maatregelen ter voorkoming en behandeling van rachitis zijn identiek. Voldoende vitamine D3 verstrekken en zorgen voor voldoende zon. Voorts zorgen dat de vogels de beschikking hebben over een goed mineralenmengsel waarin in voldoende mate fosfor en calcium aanwezig zijn, bijv. voederkalk. In ernstige mate aangetaste dieren blijven misvormd, doordat de verbogen beenderen door de opname van genoemde mineralen hard worden en in de onnatuurlijke vorm blijven staan.
Andere deficiŽntieverschijnselen als gevolg van avitaminose D3 zijn: slechte groei, verlammingsverschijnselen, ruwe bevedering, schaalloze eieren en legnood. Een overdosering vitamine D gedurende langere tijd resulteert in ontkalking van het beendergestel.

Vitamine E-deficiŽntie
Het feit dat men de vitamine E in sterke concentratie aantreft in de hypofyse, de bijnieren en de testes doet vermoeden dat het een belangrijk biochemische rol speelt in de klieren met inwendige secretie. Verder is vitamine E als antioxidant van vitamine A indirect van invloed op de vruchtbaarheid. Een tekort aan vitamine E resulteert in slechte broeduitkomsten. Ook verlammingsverschijnselen en het onvermogen tot vliegen kunnen een gevolg zijn van een vitamine E-deficiŽntie.

Vitamine B-deficiŽnties
Een avitaminose B1 veroorzaakt een vergiftiging van het zenuwstelsel door de afbraakproducten van de suikerverbranding in de spieren. Vandaar dat bij een tekort aan vitamine B1 o.a. verlammingsverschijnselen optreden. Andere deficiŽntieverschijnselen zijn: ruwe bevedering, bol zitten en een slijmerige ontlasting.
Ook het vitamine B2 is betrokken bij de stofwisseling van de suikers. Een vitamine B2 deficiŽntie uit zich in een verminderde groei, afsterven van het embryo in het ei en teenverkrommingen.
Een tekort aan vitamine B6 leidt onherroepelijk tot storingen in de eiwitstofwisseling en een hiermee gepaard gaande slechte groei en kramptoestanden.
Een vitamine B12-gebrek zal ongetwijfeld leiden tot slechte broedresultaten, zoals slecht uit het ei komen en een hoge sterfte gedurende de eerste levensdagen.
Choline-deficiŽntie leidt tot leververvetting en een hiermede gepaard gaande lichamelijke achteruitgang.
Een tekort aan nicotinezuur, ook wel vitamine P genoemd, veroorzaakt diarree, gemis aan eetlust, vertraagde groei, een gebrekkige bevedering en ontstekingen aan de huid.
Een tekort aan pantotheenzuur ten slotte veroorzaakt een groeistilstand.
Ook lage broeduitkomsten en een slechte bevedering met kale plekken in de
nek en hals kunnen op een gebrek aan pantotheenzuur duiden.
Harrie